Wanneer we het woord heilige horen, denken we spontaan aan bijzondere mensen: missionarissen, martelaren, mystici of mannen en vrouwen die door de katholieke Kerk officieel heilig zijn verklaard. Mensen die een uitzonderlijk geloofsleven hebben geleid en wier levensverhaal ons tot voorbeeld dient. Maar wat betekent het eigenlijk om heilig te zijn? En is heiligheid niet veel meer dan een bijzondere levenswijze die slechts voor enkelen is weggelegd? Om dat te begrijpen, moeten we terug naar twee begrippen die nauw met elkaar verbonden zijn: heil en heiligheid.
Wat is heil?
Het woord heil betekent welzijn, geluk, voorspoed en redding. Het is verwant aan woorden als heel, helen en heelheid. Ook in de christelijke betekenis blijven deze dimensies behouden, maar krijgen ze een diepere en ruimere inhoud. Het heil omvat alles wat God voor de mens verlangt en wil bewerkstelligen: zijn geluk en welzijn, zijn bevrijding van de zonde en de dood, zijn verzoening met God en uiteindelijk zijn eeuwige bestemming. Want God is Liefde (1 Johannes 4,8). Hij wil dat de mens tot volle ontplooiing komt, in verbondenheid met Hem leeft en uiteindelijk deelt in de volheid van zijn liefde en leven: de ultieme vorm van geluk.
Het heil is dus veel meer dan gered worden uit een moeilijke situatie of na de dood toegang krijgen tot de hemel. Het gaat om het herstel en de vervolmaking van de mens in zijn relatie met God. Het omvat bevrijding, verzoening, innerlijke heelheid, nieuw leven en uiteindelijk de eeuwige gemeenschap met God.
Dit heil is ons geschonken door Jezus Christus. Door zijn menswording, zijn kruisdood en zijn verrijzenis heeft Hij de weg naar de Vader voor ons geopend. Het Evangelie is precies de verkondiging van dit goede nieuws: God laat de mens niet aan zijn lot over, maar zoekt hem op en biedt hem zijn liefde en verlossing aan.
Wat is heiligheid?
Het woord heilig is verwant aan het woord heil en draagt van oorsprong als betekenis: dat wat heil brengt, en dat is wat heiligheid in de christelijke betekenis ook doet. In de Bijbelse traditie heeft het de betekenis van aan God toebehoren, voor God bestemd zijn en door Hem geheiligd en geheeld of heel gemaakt worden.
God zelf is de Heilige. Zijn heiligheid behoort tot zijn wezen: Hij is volmaakt, zuiver, goed en de bron van alle leven. Wanneer we spreken over de heiligheid van een mens, bedoelen we dat deze mens geroepen is om God toe te behoren en steeds meer op Hem te gaan lijken en dat die mens het verlangen koestert om aan die oproep te beantwoorden.
Heiligheid is daarom niet in de eerste plaats een menselijke prestatie. Het is een gave van God, waarop de mens antwoordt. Het is Gods genade die in de mens werkzaam wordt en hem geleidelijk verandert, zodat zijn leven steeds meer de liefde, goedheid en waarheid van God weerspiegelt.
Een heilige is dan ook niet noodzakelijk iemand die nooit fouten heeft gemaakt of een volmaakt leven heeft geleid. Het is iemand die zich door God heeft laten raken, die zijn genade heeft ontvangen en die zich steeds opnieuw aan Hem toevertrouwt.
De samenhang tussen heil en heiligheid
Hier wordt duidelijk hoe nauw beide begrippen met elkaar verbonden zijn.
Het heil is wat God voor de mens bewerkt: Hij redt, bevrijdt, verzoent en herstelt hem. Heiligheid is wat in de mens groeit wanneer hij dat heil ontvangt, aanvaardt en Gods genade in zijn leven laat doorwerken.
God wil de mens dus niet alleen redden van de zonde en de dood. Hij wil hem ook heiligen. Het doel van de verlossing is niet uitsluitend dat de mens aan het oordeel ontsnapt, maar dat hij opnieuw leeft in verbondenheid met God en steeds meer deelt in zijn goddelijke leven.
Dat wordt bijzonder mooi verwoord in de tweede brief van Petrus (2 Petrus 1,4), waar we lezen dat de mens deel mag krijgen aan de goddelijke natuur.
De kerkvaders hebben deze gedachte samengevat in een opmerkelijke formulering: God is mens geworden opdat de mens deel zou krijgen aan het goddelijke leven.
Dit wordt in de theologie vergoddelijking of theosis genoemd. Het betekent niet dat de mens zelf God wordt, maar dat hij door Gods genade mag delen in Gods eigen leven. Dat is de uiteindelijke bestemming waartoe God ieder mens uitnodigt.
Heilig worden: een roeping voor iedereen
Heiligheid is dus geen voorrecht van priesters, religieuzen of uitzonderlijke gelovigen. Het is de roeping van iedere christen, en uiteindelijk van iedere mens.
Paulus spreekt in zijn brieven over de gelovigen als ‘geroepen heiligen’. Daarmee bedoelt hij niet dat zij al een volmaakt leven leiden, maar dat zij door hun doopsel bij Christus horen en geroepen zijn om vanuit die verbondenheid te leven.
Heilig worden betekent dat iemand Gods heil niet alleen met zijn verstand erkent, maar het ook met zijn hart aanvaardt en koestert. Hij opent zijn leven voor Gods genade en laat zich door de Heilige Geest vormen naar het voorbeeld van Christus.
Dat proces uit zich in geloof, gebed, bekering, naastenliefde, vergevingsgezindheid en de bereidheid om Gods wil te zoeken. Het is een levenslange weg waarop de mens telkens opnieuw mag groeien.
Heiligheid is bijgevolg niet zozeer iets wat de mens zelf bereikt of bezit, maar het leven van God dat in hem werkzaam wordt wanneer hij zich voor Gods genade opent.
De betekenis voor evangelisatie
Dit inzicht heeft ook belangrijke gevolgen voor hoe we naar evangelisatie kijken.
Evangelisatie heeft niet alleen tot doel mensen te vertellen dat God bestaat, hen vertrouwd te maken met de katholieke geloofsleer of hen kennis te laten maken met religieuze tradities. De kern van evangelisatie is de verkondiging van het heil dat God de mens in Jezus Christus aanbiedt.
Het is een uitnodiging om Christus persoonlijk te ontmoeten, zijn liefde te ontdekken, zijn verlossing te aanvaarden en zich door Hem te laten leiden. Het is een uitnodiging tot bekering en tot een nieuw leven in de Heilige Geest.
De verkondiging is daarbij geen doel op zich. Ze wil mensen helpen de stap te zetten van het horen over God naar een persoonlijke ontmoeting met Hem. Een ontmoeting die verder groeit en verdiept wordt door gebed, de sacramenten en het dagelijkse leven als christen.
Uiteindelijk gaat het erom dat mensen niet alleen weten wie Christus is, maar Hem ook persoonlijk leren kennen, Hem liefhebben en hun leven met Hem verbinden.
God nodigt ons uit tot de volheid van het leven
Misschien ligt hierin wel de diepste betekenis van heil en heiligheid.
God wil de mens niet alleen van iets redden, maar hem vooral tot iets brengen: tot de volheid van het leven waarvoor Hij hem geschapen heeft. Jezus verwoordt dat in het Johannesevangelie (Johannes 10,10): Hij is gekomen opdat mensen leven zouden bezitten, en wel in overvloed.
Het heil is Gods aanbod van dat nieuwe leven. Heiligheid is de weg waarop dat leven steeds meer werkelijkheid wordt in de mens.
Een heilige is daarom niet iemand die zichzelf tot een uitzonderlijk mens heeft gemaakt, maar iemand die God steeds meer ruimte geeft in zijn leven. Iemand in wie Christus zichtbaar mag worden.
Heiligheid begint waar de mens Gods heil ontvangt en zich door Gods liefde laat veranderen. Het is de weg van een leven met God, naar de uiteindelijke bestemming van ieder mens: voor eeuwig delen in zijn liefde en zijn goddelijke leven en zo de meest ultieme vorm van geluk genieten. Je kunt het !
